Red@ctieservice


Home - Red@ctieservice

Enkele voorbeeklteksten uit Red@ctieservice, teksten en illustraties voor kerk- en parochiebladen. Voor bestellingen: Theologische Uitgeverij Narratio, Postbus 1006, 4200 CA Gorinchem, telefoon 0183-628188, www.narratio.nl, bestellijn@narratio.nl. Eindredactie: Leen van den Herik en Daan van der Waals. Onderstaande teksten komen voor in het nummer (tijdschrift en CD), dat in februari zal verschijnen.

 

 God doen

 

‘Het is toch maar een druppel op een gloeiende plaat. Ik geef geen geld voor biomedisch onderzoek naar jouw ziekte,’ zei een kennis tegen mij toen ik heel gedreven met de actie ErkenME bezig was en blij met elke euro die er gestort werd.

Ik slikte en zweeg. En ging zo mogelijk nog gedrevener door met de actie voor al mijn lotgenoten in donkere kamers die rillend van de kou al jaren snakken naar mensen die voor hen opstaan.

Geboren in het jaar waarin de eerste man naar de maan ging, zocht en zoek ik altijd de zon op en ervaar ik elke keer weer Geestkracht en geestkracht om er voluit voor te kunnen gaan.

Maar toch overviel het me op een dag even. Te vaak moest ik de kar vrijwel alleen trekken, te vaak moest ik denken: gelooft niemand er dan meer in?

Waar haal ik de ‘energie’ nog vandaan om met zoveel fysieke beperkingen toch door te kunnen gaan? 

Ik kan het toch niet steeds alleen maar uit mezelf halen?

 

En toen sloeg ik de plaatselijke krant open. Onze predikant en zijn vrouw vertelden in een paginagroot interview dat ze aan het trainen waren voor een wandeltocht van 100 kilometer op de Veluwe. Ze moesten die tocht binnen 30 uur afleggen en het sponsordoel was: onderwijskansen voor kinderen in Mali. Het had hen al heel wat zweetdruppeltjes gekost, maar ze gingen deze uitdaging met 600 andere deelnemers van harte aan.

Ik slikte en werd er stil van: het kan dus ook anders.

 

Een paar maanden later haalden de predikant en zijn vrouw ruimschoots binnen de gestelde tijdslimiet de finish. En dacht ik aan al die voetstappen die zij en vele anderen hadden gezet.

Zij kwamen met elkaar in beweging voor duizenden kinderen die nu eindelijk wel naar school konden gaan. En wie weet ooit zelf in het onderwijs terecht zouden komen. 

Met hun voetstappen straalden zij zon voor de hele wereld uit, ook voor mij.

De predikant en zijn vrouw lieten zien dat ze er niet alleen in geloofden, maar dat ze het gewoon ook deden omdat het nu eenmaal gedaan moest worden.

Hier kon de mooiste preek niet tegen op. Dit was God doen.

Bovendien gaven zij mij met hun actie nieuwe ‘energie’ voor ErkenME.

Niks geen druppel op een gloeiende plaat. Maar gloeiende hoop voor velen daar ver weg en hier dichtbij!

 

Christine van Reeuwijk

 

 

STEMADVIES

 

Op oude films zie je ze in versneld tempo door de stad snellen: T-Fordjes, een bakfiets met een bakkersknecht met treurige pet, dienstbodes met een wit gesteven schort en heren met hoge hoeden. Dat alles in zwart-wit met hier en daar een onrustige streep door het beeld. In mijn jeugd – wat gek dat ik mij die jaren ook als een zwart-wit film herinner! – waren de hoofddeksels zo goed als uit het straatbeeld verdwenen. Een hoedenzaak in de buurt met een stoffige etalage heeft nog jarenlang het slaperig bestaan gerekt, maar legde het af tegen Beatle-jasjes en slobbertruien. Een liedje uit de vijftigerjaren luidde: ‘Doe me een lol, zet die pet niet op je bol’, een haast overbodige oproep bij een toen al uitstervend verschijnsel.

In de arbeidersbuurt waar ik later werkte kwam een andere hoofdbedekking in beeld: de gebreide mutsjes van Turkse gastarbeiders. En de pet keerde terug, niet bij de bakkersknecht, maar bij scholieren. Op de middelbare school van mijn kinderen gold een verbod om de pet op – en de jas aan – te houden in de klas. Via de jongeren is de pet weer bezig aan een bescheiden opmars in het straatbeeld. Zelf schafte ik mij een mooi, Schots geruit exemplaar aan in het United Kingdom twee jaar geleden. In het Hollandse klimaat is mijn pet een uitkomst. Bij regen heb ik geen paraplu nodig, want mijn bril blijft droog onder de korte klep. En ik heb zelfs al een paar keer te horen gekregen: ‘Staat je goed, die pet!’

Misschien leuk voor een socioloog om eens te onderzoeken, de herwaardering van de pet. Want vroeger was de pet met negatieve associaties omgeven. ‘Jan met de pet’ voelde zich buitengesloten, die mocht ‘met de pet in de hand’ om een gunst vragen. Ambtenaren hielden van alles onder de pet, zo las je ten tijde van de vliegramp in de Bijlmer. De politie, de pettenbrigade, heeft nog steeds last van een negatief imago. Maar wie weet, als zij het strenge blauw ook voor een Schotse ruit vervangen, verandert dat wel. In het Verenigd Koninkrijk zie je politie agenten met een Sikh-tulband, wat ik wel heel kleurrijk vind. Ik moet mij ook altijd inhouden niet te fluiten naar zo’n getailleerd Marokkaans meisje op hoge hakken en een prachtige hoofddoek. Zo’n trotse VWO-meid is toch te verkiezen boven de ‘dienstjes’ uit de zwart-wit tijd die als enig perspectief een huwelijk met Jan met de pet hadden.

Ik deed trouwens nog een leuke ontdekking toen mijn pet op de grond viel. ‘Willders Limited’ staat er op het etiket. Gelijk op  internet gekeken, waar de fabrikant van ‘Headwear’ alleen nog in een archiefmap te vinden blijkt. Is de petten-renaissance te laat gekomen voor het bedrijf?  Is Willders misschien te veel aan het verleden blijven hangen en had hij meer ‘Headwear’ moeten maken voor Marokkaanse meisjes, Sikhs en Antilliaanse lefgozertjes? Hoe dan ook, mijn (stem)advies: Wees wijs, draag ‘headwear’ bij regen, sneeuw en ijs.

 

Rob van Essen


Kleurrijke trouw en zegen

 

Onlangs is bij de Protestantse Kerk in Nederland de brochure ‘Trouw vieren’ uitgekomen.  Er zit ook een ‘kleurrijke’ pagina in, die Ellen van der Kemp na een gesprek met mij heeft geschreven. In onze kleurrijke samenleving worden mensen verliefd, willen ze trouwen en gaan ze op zoek naar een interreligieuze zegenviering.

 

Ik ga deze zoektocht met hen aan. Met enige regelmaat zegen ik het huwelijk van een interreligieus stel in. Liever spreek ik van een kleurrijk stel. Als zo’n stel me belt met trouwplannen, maken we een afspraak. Vaak hebben ze al veel nagedacht, want een kleurrijk stel komt niet zomaar naar mij toe. Ik vraag wel wat van ze, want ze willen hun liefde graag voor Gods Aangezicht brengen en vanuit hun belofte aan elkaar Gods Zegen vragen over hun gezamenlijke levensweg. Ik hoor ze uit, wil weten wat belangrijk voor hen is. Bij mij kan veel, maar  ik moet er wel achter kunnen staan. En ik wil ook niet dat mijn rol beperkt blijft tot een ceremoniële. Ik wil hen vanuit ieder hun geloofsbeleving of levensovertuiging iets meegeven.

 

Vaak hebben de stellen al over een tekst nagedacht. Ik vind de teksten over vruchtbaarheid heel mooi, want het gaat er in een relatie om of je elkaar tot bloei kunt laten komen. Soms is er een imam, rabbi of boeddhist bij, soms doe ik het alleen. Wat in een trouwviering  in ieder geval aanwezig moet zijn, is een belofte. Ik vraag hen: wat willen jullie elkaar, de mensen met wie je samenleeft (vrienden, familie) en God beloven? Daar komen vaak ontroerende dingen uit. Er wordt ook altijd gelezen uit de eigen religieuze of levensbeschouwelijke geschriften, bijvoorbeeld de Koran, de Tenach, de Veda en de Bijbel. Meestal wordt dat door een familielid gedaan. Ook de ring is aanwezig, want de ononderbroken cirkel is een krachtig symbool dat in meerdere geloven en culturen dezelfde betekenis heeft. Aan het einde van de trouwviering gebruik ik meestal de Aäronitische zegen. Deze zegen kennen zowel christenen, joden als moslims.

 

De zegen spreek ik dan als volgt uit:

De Eeuwige zegent u en beschermt u

De Eeuwige laat het licht van Zijn aangezicht

over u schijnen en schenkt u genade

De Eeuwige spreidt het licht van Haar aangezicht

over u uit en schenkt u vrede.

Aäronitische zegen (naar Numeri 6: 24-26 door ds. Corry Nicolay)

 

Als een jong stel gaat trouwen, vraag ik bij de voorbereiding altijd aandacht aan hun ouders te geven. Ouders van stellen die een interreligieus huwelijk aangaan maken zich vaak zorgen. Zal hun kind niet stuklopen op de verschillen? Ik zeg tegen jongeren dat ze de twijfel van hun ouders serieus moeten nemen, omdat die zorgen met liefde voor hen te maken hebben. Aan de ouders vraag ik tijdens de zegenviering of ze hun kinderen het voordeel van hun twijfel willen geven. Want natuurlijk gaat het straks een keer mis. En ga je als ouders dan zeggen: ‘zie je wel’?  Of ga je je kind steunen? De meeste ouders pakken dit wel op, maar ze hebben vaak een respectvol en bemoedigend zetje nodig.

 

Ik krijg soms brieven van mensen die vinden dat ik op de verkeerde weg ben, maar ik doe het weloverwogen. Ik ben ervan overtuigd dat we over dezelfde God spreken. God openbaart zich op veel manieren. God is groter dan de God die ik als christen ken. Ik denk echt dat het mijn weg is om dit vaak ontoegankelijke toegankelijk te maken.

 

Ds. Corry Nicolay

‘Trouw vieren’, Dienstenorganisatie PKN, telefoon 030 8801337 of  bestellingen@pkn.nl

 

Nieuwe en oude kerken

Ik werd meegenomen naar een andere kerk. Het was een huis in het hoofddorp van het district. Buiten hing een bord 'baptistenkerk'. Binnen troffen we een vrouw aan. Ze vertelde dat er sinds twee jaar geleden wel honderd mensen tot geloof waren gekomen, maar dat de meesten weer waren afgedwaald omdat er niemand was om voor hen te zorgen. Ze vertelde dat velen over God wilden horen. Ze vertelde over een dorp waar veertig mensen in God waren gaan geloven, maar dat er niemand was om hen te onderwijzen.

Wat gebeurde er veel! Maar tegelijkertijd kreeg ik een heel ongemakkelijk gevoel. De vrouw die me dit vertelde, zei dat zij de kerk leidde als er niemand van elders kwam. Maar haar kennis was minimaal. Niemand in de kerk had het Oude Testament. De hoop die ze op God stelde, leek vooral gericht op dit leven. Ze had geen idee wat ‘baptistisch’ betekende op het bord dat iemand op was komen hangen.

Ik dacht terug aan de kerk die ik net tevoren had bezocht. Een kerk met volwassen gelovigen die elkaar opbouwden vanuit Gods Woord, maar waar geen enkele buitenstaander kwam. En daarna een kerk met mensen die zelfs de beginselen van het Evangelie nog niet leken te begrijpen, maar waar grote aantallen mensen meer wilden weten over God.

Het is een lastig fenomeen: in oudere kerken zijn mensen geworteld in hun geloof, maar er is geen groei. Nieuwe kerken waar van alles mis is, trekken wel mensen aan. Ze hebben elkaar waarschijnlijk nodig. De oude kerken hebben de nieuwe nodig om niet te verstenen en om te kunnen zien hoe mensen veranderen als ze Jezus leren kennen. De nieuwe kerken hebben de oude nodig als voorbeeld hoe een christelijk leven er uitziet en als bron van leiders met een goede bijbelkennis.

Maar ik ben blij dat  mijn persoonlijke roeping ligt bij het planten van nieuwe kerken: rommelig, onvolkomen en altijd spannend!

 

 Marten Visser

 

Marten en Esther Visser zijn zendeling in Thailand. Ze houden een logboek bij op www.vissers.me. Marten is zendingspredikant in dienst van de PKN.

 

 

doortocht

 

 

Jij wilt met mij de weg van lijden gaan

mijn stil en ongehuild verdriet

voor Jou hoef ik niets om te spitten

nog voor ik roep ken Jij mij

vind Jij mij in de diepste laag

van mijn gemoed – nog voor ik roep

 

ik wil met Jou de weg van lijden gaan

Jouw stil en ongehuild verdriet

in vele eeuwen opgestapeld –

zo draag Jij mij

zo draag ik Jou

tot aan het eerste ochtendgloren

de nacht voorbij

wanneer de nevelen zich scheuren

en Jij – Verrezene – mij lichtend

voorgaat in de nieuwgeboren Dag

 

 

Oeke Kruythof

 

 

 

meditatie

 

 

vanmorgen

is de stilte mij gegeven

omringt mij

doordringt mij

en legt beslag

op mijn tot barstens toe

gevulde hersenpan

en ik

de vrijgevochtene

stem in met deze liquidatie

 

stilte wordt tot

ruimte scheppend vacuüm

 

 

Oeke Kruythof

 

 

 

AFORISMEN

 

 

*  ‘Vrees niet langzaam te gaan, alleen het stil blijven staan.’ (Chinees spreekwoord)

 

* ‘Mannen grijpen de gelegenheid, vrouwen scheppen haar.’ (Duits

spreekwoord)

 

* ‘Wie diverse hazen achternaloopt vangt er geen een.’ (Grieks spreekwoord)

 

* ‘ Kapitalisten zijn in staat je de strop te verkopen waarmee ze je zullen ophangen.’ (Lenin)

 

* ‘Kapitalisme is niet een kwestie van geld, maar van mentaliteit.’ (R. van Hool)

 

* ‘Een karakter is een totaal gevormde wil.’ (Novalis)

 

* ‘Hoe meer kennissen men heeft, des te minder kent men de mensen.’ (Chinese zegswijze)

 

* ‘De kerkhoven der wereld liggen vol mensen die meenden dat ze niet gemist konden worden.’ (Clemenceau)

 

* ‘De ketters van vandaag zijn de rechtzinnigen van morgen.’ (I. Silone)

 

* ‘Alleen kinderen kunnen zonder achterdocht genieten van het ogenblik, want ze zijn zonder herinnering en zonder ambitie.’ (O. van der Hallen)

 

* ‘Velen klagen over hun uiterlijk, maar niemand over zijn verstand.’

(Jiddisch spreekwoord)

 

* ‘Ik voel dat de kleinigheden samen de som van het leven uitmaken.’ (Charles Dickens)

 

* ‘Een koel hoofd is belangrijker dan een warm hart.’ (Abba Eban)

 

* ‘Besteed liever uw geld aan een broer of aan een vriend dan het op de beurs achter te laten en het kwijt te raken.’ (variatie op Jezus Sirach 29:10)

 

* ‘Geld maakt niet gelukkig, dat heeft het met armoede gemeen.’ (Simon Carmiggelt)

 

* De meeste mensen leven in de ruïnes van hun gewoonten.’ (Jean Cocteau)

 

* ‘God heeft je gemaakt om Hem lief te hebben, niet om Hem te begrijpen.’ (Voltaire)

 

* ‘Ware vrienden herkent men niet aan hun medelijden, maar aan hun oprechte vreugde om een anders geluk.’ (C. Guirlande)